Netwerkvormers
Zand of kwartsZand of kwarts dient als bron voor de glasvormer silica (siliciumdioxide SiO
2). Als we het pure mineraal kwarts chemisch bekijken zien we een mooi regelmatig kristalrooster, dat is opgebouwd uit tetraëders van silicium en zuurstof. Als we dit materiaal smelten en vervolgens relatief snel laten afkoelen, dan krijg je glas, waarbij de tetraëders niet meer zo netjes gerangschikt zijn. We spreken dan van een amorfe structuur. Voor het smelten van kwarts is een temperatuur nodig van 1700 °C Deze temperatuur was in vroegere smeltovens niet haalbaar. Ook in de huidige tijd is dit een te hoge oventemperatuur voor de gemiddelde glasstudio. Naast siliciumdioxide bestaan andere glasvormers zoals loodoxide, booroxide of germaniumoxide.
Smeltpuntverlagers (fluxes)
SodaVanwege de hoge smelttemperatuur van silica is het belangrijk dat er in het recept (al dan niet intentioneel), smeltpuntverlagers zitten. Bekende alkali-bestanddelen met een smeltpuntverlagend effect zijn soda of potas (natrium- of kaliumcarbonaten). Zie ook
glastypes. Door de toevoeging van alkali-bestanddelen, wordt het silicanetwerk hier en daar losgebroken. Een zuurstofatoom dat geen verbinding meer heeft met het siliciumatoom kan dan een verbinding maken met natrium of kalium wat smeltpuntverlagend werkt. De smelttemperatuur kan hiermee worden teruggebracht tot ongeveer 1100 °C, afhankelijk van de hoeveelheid glas.
Stabilisatoren
KalkDe toevoeging van kalk (calciumcarbonaat) of lood kan de glassamenstelling stabiliseren. Zuurstofatomen die losbreken tijdens het smeltproces van glas kunnen dan ook een verbinding aangaan met een calciumatoom. Er zijn twee zuurstofatomen nodig om te koppelen aan een calcium atoom. Het calcium zorgt daardoor voor de stabiliteit van het glas.
Andere materialen die het glasnetwerk kunnen modificeren zijn bijvoorbeeld magnesium, aluminium, boor, lood, lanthanum en nog veel meer.
Maar willen we hier glas van maken, dan zullen we het kwarts moeten verhitten tot 1710 °C en vervolgens relatief snel moeten laten afkoelen. Als we dan naar de atomen kijken, dan zien we dat het schematische rooster er veel minder georganiseerd is. Dit noemen we de amorfe toestand van glas.
Aangezien we de hoge smelttemperatuur van silicium graag willen verlagen voegen we fluxen toe zoals soda (natrium) of potas (kalium). En om het geheel stabiliteit te geven voegen we er bijvoorbeeld kalk aan toe.
Dit type glas kennen we van bijvoorbeeld ramen, jampotten of drinkglazen.